Hey.

Welkom op mijn blog. Graag deel ik. Wij zijn één.

Hey,

Bienvenue sur mon blog. J'aimerais partager. Nous ne sommes qu'un.

De muur

De muur

En dan, nadat je denkt dat je al jaren op de spirituele weg bent en eindelijk de weg naar God hebt gevonden, kom je bij de muur.

Je ziet hem niet aankomen. Je loopt gewoon verder, zoals je dat al die jaren hebt gedaan. Je hebt gezocht, gewacht, gebeden en verlangd. En dan, plotseling, staat hij daar.

Een muur die de weg volledig blokkeert.

Je kunt niet verder.

Aan de andere kant is stilte. Geen antwoord. Geen teken. Geen gevoel van nabijheid. Alleen leegte.

Een ondraaglijke godsverlatenheid overmant je.

Heb je dan al die jaren in een illusie geloofd? Heb je je alles ingebeeld? Was die aanwezigheid die je soms zo diep vanbinnen voelde dan niets meer dan een verlangen van jezelf?

Maar wat was dat verlangen dan?

Waar kwam het vandaan, dat diepe verlangen dat telkens opnieuw in je hart wakker werd? Een verlangen naar God, naar waarheid, naar een werkelijkheid die groter is dan jezelf?

Misschien is dát de muur.

Niet het einde van de weg, maar de plaats waar alles waarop je vertrouwde wordt weggenomen.

Jezus zei dat we God moeten vertrouwen. Hij zei dat wanneer iemand tegen een berg zou zeggen: “Kom van je plaats en stort je in zee”, en hij niet zou twijfelen in zijn hart, maar zou geloven dat het zal gebeuren, het ook zal gebeuren.

En daar staat de muur.

Want geloven is gemakkelijk zolang je nog iets ziet. Zolang er een gevoel is, een teken, een antwoord. Zolang je kunt zeggen: kijk, daar is God.

Maar wat als je niets meer ziet?

Wat als je voor de muur staat en God zwijgt?

Op een dag stond ik bij een klant aan zijn zwembad te wachten. Terwijl ik daar stond, kwam er een gedachte in mij op.

Als ik werkelijk zou geloven dat ik over het water kon lopen, dan zou ik dat ook kunnen. Zonder erdoorheen te zakken.

Zoals Petrus.

Even liep hij over het water. Hij deed het onmogelijke omdat hij vertrouwde. Maar toen hij naar de golven keek, werd hij bang. Het vertrouwen verdween en hij zakte door het water.

“Kleingelovige”, zei Jezus.

Toch was het diezelfde Jezus die met vijf broden en enkele vissen meer dan vijfduizend mensen te eten gaf.

Ook ik stond daar voor mijn muur.

De muur van wantrouwen.

Ik durfde niet over het water te lopen.

Misschien is dat wel de moeilijkste muur die een mens tegenkomt. Niet de muur die God voor ons heeft gebouwd, maar de muur die in onszelf staat. De muur van angst, twijfel en ongeloof.

En toch kan er een moment komen waarop er iets verandert.

Later hoorde ik De Stem die tot mij zei dat ik niet meer bang hoefde te zijn. Dat God mij zou bijstaan. Dat Hij mij door de moeilijkheden heen zou helpen.

En ergens diep in mij ontstond een vertrouwen dat sterker was dan mijn angst.

Ik kreeg een vast geloof.

Dat geloof heb ik vijftien jaar vastgehouden.

En wat onmogelijk leek, bleek op wonderlijke wijze mogelijk. Niet omdat ik zo sterk geloofde, maar omdat ik mij durfde over te geven aan het vertrouwen dat God mij niet zou verlaten.

Daar begint misschien het ware geloven.

Niet wanneer je zeker weet dat alles goed zal komen, maar wanneer je je in je twijfel toch overgeeft.

Geloven is niet weten wat er achter de muur staat.

Geloven is erop vertrouwen dat er achter de muur iets is, ook wanneer je het niet kunt zien.

Het is je overgeven aan de liefde van God, zonder voorwaarden en zonder garanties. Vertrouwen dat je in die overgave nooit werkelijk verloren kunt gaan.

“Wie zijn leven tracht te behouden, zal het verliezen”, zei Jezus, “en wie het durft te verliezen, zal het behouden.”

Misschien is dat wel de diepste betekenis van de muur.

Je staat ervoor met alles wat je dacht te weten. Met je overtuigingen, je verwachtingen en je angsten. En één voor één moeten ze worden losgelaten.

Tot er niets meer overblijft waaraan je je kunt vastklampen.

Alleen vertrouwen.

En dan, heel langzaam, ontdek je dat de muur misschien nooit bedoeld was om je tegen te houden.

Misschien moest je er eerst tegenaan lopen om te ontdekken dat je hem niet met kracht kunt breken.

Je kunt hem alleen loslaten.

En ergens achter die muur, waar stilte en leegte leken te wachten, onthult zich iets wat er al die tijd was.

Het eeuwige leven.

Niet als iets dat je ooit zult ontvangen, maar als een werkelijkheid die zich nu al bewust in je onthult.

Achter de muur van weerstand.

Achter de muur van ongeloof.

Achter de muur van angst.

En misschien is de muur uiteindelijk niet datgene wat je van God scheidt.

Misschien is hij precies de plaats waar je leert dat je Hem niet meer hoeft te zien om Hem te vertrouwen.

Overgave

Overgave

De kurk

De kurk