De grootsheid van het universum deelt zich mee aan onze geest.
Onze geest is groot genoeg om dit te bevatten. Een volle geest bezit de volledige kennis en de wijsheid ervan.
Een lege geest moet alles nog verkrijgen.
Zoals een lichaam groeit dank zij de verzorging en de voeding zo ook groeit onze geest. Een geest die niet gevoed of verzorgd wordt zal op een rudimentair niveau blijven en niet ontwikkelen.
Een geest die zich heeft laten vormen door kennis op te nemen, door te overdenken, door gesprekken te voeren met andere denkers en ervaringen toe te laten, zal zich ontwikkelen en verruimen.
Door de begrenzing steeds opnieuw uit de weg te gaan verruimt de geest zich steeds en krijgt het universum plaats om zich in die geest te nestelen.