Af en toe ga ik, om bij mezelf te komen, wandelen op een begraafplaats.
Op een dag stond ik naast een man die aan zijn eigen graftombe stond.
Zijn naam en geboortedatum waren reeds in de steen gegrift. Alleen de datum van zijn overlijden miste hij nog.
Hij treurde voor zijn overleden vrouw.
Het liefst was hij met haar meegegaan.
Het leven was al zijn glans en vrolijkheid verloren en hij kon haar dood maar niet aanvaarden.
Hij had spijt van wat hij haar niet gezegd had toen ze nog leefde, van
al die dingen die hij nog zo graag met haar samen gedaan had en waarover ze zo dikwijls hadden gepraat.