Als een papieren bootje drijven mijn herinneringen aan liefde altijd bovenop al mijn andere herinneringen.
De echte onvoorwaardelijke Liefde.
Zoals die er kan zijn van ouder naar kind. Van vriend naar vriend.
Maar ook die liefde die blijkbaar geen mens je kan geven en die je krijgt, zomaar, van het leven zelf.
Die liefde die ik als klein kind voelde toen ik eenzaam en bang in mijn bed lag. Die liefde die ik voelde toen ik de bergtop had bereikt en het machtige berglandschap onder mij zag.
De liefde die ik ervaarde die ochtend in de lente toen de vogels een concert gaven en het roodborstje bij mij op de tafel kwam zitten.
Die liefde die ik in mij voelde, onpeilbaar diep , toen ik niet meer wist van wat hout ik pijlen moest maken en mij een hand werd toegestoken.