Zonder berouw toch vergeven
Voor vergeving heb je de medewerking van de dader niet nodig.
Je vergeeft ook niet de daad of de persoon, maar het oordeel dat jij erover hebt gevormd. In die zin is elke vergeving ,zelfvergeving.
Wat je in jezelf wegduwt, projecteer je naar buiten. Daar ga je het bestrijden. Dankzij die projectie worden je innerlijke blokkades en oordelen zichtbaar. Dan kan het echte bevrijdingswerk beginnen. Pijn en wrok mogen naar boven komen. Het is een gevecht met jezelf, met dat hardnekkige ego. Dat ego uit zijn frustraties, veroordelingen, kwaadheid en diepe gekwetstheid.
En toch stroomt er onder alles een stille laag van liefde. Een innerlijke stem die je influistert dat alleen vergeving echte rust en vrede brengt.
Dit proces is een persoonlijke reis naar binnen. Pas wanneer die weg in jezelf is afgelegd, kan je de dader eventueel opnieuw onder ogen komen. Vergeving draait niet in de eerste plaats om het herstellen van een relatie. Het gaat om het terugvinden van je innerlijke vrede.
Wanneer dat proces in jou is voltooid, kan je de ander pas werkelijk ontmoeten. Vergeven betekent niet dat je de fout goedkeurt of dat je ze door de vingers ziet. Het betekent dat je de ander aanvaardt zoals hij is. De daad hoef je niet te begrijpen. We begrijpen onszelf vaak al nauwelijks. Hoe zouden we dan volledig vatten waarom iemand anders doet wat hij doet, vaak gedreven door eigen pijn en frustratie?
Vergeving brengt je naar de bron. En die bron brengt je telkens weer bij vergeving. Je liefdevolle innerlijke leraar herinnert je eraan dat dit over jou gaat, niet over de dader. Je hoeft niet te wachten op inzicht of berouw van de ander.
Vergeven is wrok, pijn en verleden loslaten in liefde voor jezelf.
Door dat te doen bevrijd je jezelf. En misschien, zonder dat je het ziet, ook de ander.
